Dancehall Cultuur

 

Gepubliceerd in: Gonzo (circus), nr. 91 (Leuven, 2009).

 

Marc Schuilenburg

 

Dat de verkoop van cd’s al enkele jaren fors daalt, ligt niet alleen aan de slechte economische omstandigheden, de opkomst van de dvd en het illegaal downloaden van muziek op het internet. De daling van de verkoop – in 2008 verkocht de Amerikaanse muziekindustrie 428 miljoen cd’s, 14 procent minder dan het jaar daarvoor – heeft ook te maken met de geringe aantrekkingskracht van het zilveren schijfje in het plastic doosje. Wie daarentegen een vinylalbum in handen heeft, blijft deze vaak ademloos bewonderen, betast met regelmaat de plaat, draait haar eens lekker om, vouwt de hoes open en neemt de tijd om de vormgeving te bekijken en de teksten te lezen. De cd weet dit gevoel helaas zelden op te roepen.
Om cd’s aantrekkelijker te maken is met andere woorden meer nodig dan een prijsverlaging of een fraaiere vormgeving. Het Britse label Souljazz heeft een bijzondere manier gevonden om dit te doen. Met de prima verzamelaar Dancehall: The Rise Of Jamaican Dancehall Culture heeft het label het gelijknamige fotoboek uitgebracht van Beth Lesser. Lesser en haar echtgenoot spendeerden in de jaren 1980 veel tijd in Jamaica om musici te ontmoeten en te interviewen. Lesser deed dat voor haar fanzine Reggae Quarterly. Manlief kocht platen voor zijn wekelijkse Toronto radioshow. Terwijl de dubbel-cd laat horen wat de invloed was van de drumcomputer en digitale effectapparatuur op de muziek van het eiland, biedt het fotoboek een schitterend tijdsdocument van de lokale muziekscene, de dancehall-sterren en hun aanhang. We zien U Roy en zijn Stur-Gav Crew voor het huis staan van de zanger, producer Henry ‘Junjo’ Lawes nonchalant poseren op zijn Honda-motor in de straten van Kingston, zanger Nitty Gritty in de achtertuin van Prince Jammy en de boomlange Eek-A-Mouse in een Mexicaanse outfit met een sombrero op zijn hoofd voor de Channel One Studio op Maxfield Avenue, een van de slechtste buurten van Kingston.
In de tekst bij de vele foto’s voert Lesser de lezer terug naar de jaren 1950. Dat is opmerkelijk omdat de muziekstroming dancehall voor velen pas begint midden jaren 1980 met de revolutionaire track Under Mi Sleng Teng van Wayne Smith, de eerste volledig computer gemaakte hit. Het nummer was bij toeval ontstaan door het vertragen van een rock sample op een Casio keyboard. Het Sleng Teng riddim werd daarna gekopieerd in andere nummers en werd het riddim met de meeste hits en de meeste versies ooit. Dancehall is dan ook geen officiële muziekstijl, zo schrijft Lesser: ‘Dancehall is als een tuin, je zet muziek op en er is een dancehall.’ Een belangrijke rol is daarin weggelegd voor de soundsystems, enorme geluidsinstallaties die op een vrachtwagen zijn gezet om mensen te vermaken. Soundsystems bestaan zo lang er muziek wordt gemaakt op Jamaica, maar aanvankelijk hadden ze alleen tot doel mensen te lokken naar een bar of winkel. In tijd werden ze echter zelfstandige gebeurtenissen waar mensen zich omheen verzamelden om een biertje te drinken en naar de muziek te luisteren. Volgens Lesser beschikt ieder dorp en alle wijken van Kingston over zo’n systeem. De succesvolste systems vragen soms een kleine toegangsprijs, maar meestal is de muziek gratis voor de omstanders.
Met de dubbel-cd en het fotoalbum heeft Souljazz een belangrijke bijdrage geleverd aan de documentatie van de dancehall: de producers, zangers, platenzaken, soundsystems, studio’s en DJ’s. Hoewel met het nummer Under Mi Sleng Teng afscheid werd genomen van het analoge dubtijdperk, is het originele nummer een ode aan het leven in Jamaica en de geneugten van het door God gegeven medicijn ‘ganja’. Net zoals het fotoboek van Beth Lesser, dat niets anders is dan een fraaie lofzang op de rijke muziekscene van Jamaica.

 

Internet

www.souljazzrecords.co.uk

Top